Geschiedenis


Het koninklijk besluit tot het verlenen van het predikaat ‘koninklijk’ aan Ketjen
Zwavelzuurfabrieken N.V.

Hoe Het begon...

In 1835 begon Gerard Tileman Ketjen met twee partners een zwavelzuurfabriek aan de Trapjesschans bij het Leidseplein in Amsterdam. Voor de chique gasten van de nabijgelegen concertzaal was een fabriek ongewenst. De fabriek moest verhuizen naar de andere kant van de Overtoom, de Kostverlorenkade, en later, in 1901, naar Amsterdam-Noord. Op deze locatie breidde het bedrijf zich uit van een producent van zwavelzuur tot een volwaardig chemisch bedrijf met chemicaliën en materialen gemaakt van zwavelzuur, zoals sacharine, actieve kool (Ketjen Black), organische sulfoproducten zoals Halamid en uiteindelijk katalysatoren voor de olie-industrie. Op 9 juli 1937 kreeg Ketjen het predicaat ‘koninklijk’ toegekend per koninklijk besluit.              

De fabriek voor kraakkatalysatoren (FCC) in de jaren 70.

Ketjen begint met produktie van katalysatoren

De productie van katalysatoren begon in 1953 met de opening van de fabriek voor kraakkatalysatoren gevolgd door de opening van de HPC fabriek in de jaren 70. Productie van katalysatoren groeide uit tot de belangrijkste en later de enige activiteit op de locatie.              

De schoorsteen van de zwavelzuurfabriek. Tot 2014 een bekend oriëntatiepunt
voor de bewoners van Noord.
De productie van zwavelzuur werd verkocht en stopte volledig in 2004. In 2007 werd de zwavelzuurfabriek gesloopt. Het laatste karakteristieke overblijfsel van deze fabriek, de 107 meter hoge stalen schoorsteen, werd in 2014 gesloopt.
Ketjen werd in de jaren zestig onderdeel van KZO, een voorloper van Akzo en Akzo Nobel.              

Van Akzo Nobel naar Albemarle

De business unit katalysatoren van Akzo Nobel werd in 2004 door Albemarle gekocht. Albemarle produceert nog steeds succesvol katalysatoren in Amsterdam en Bayport (VS) voor klanten over de hele wereld. Tevens zijn er bloeiende onderzoeks- en ontwikkelingsafdelingen in Nederland en de VS.